Op steeds meer scholen wordt buitenonderwijs gegeven. Soms schoolbreed, soms door een individuele enthousiaste leerkracht. Vaak wordt benoemd dat buitenonderwijs leuk is om te geven, omdat je ziet dat de leerlingen zoveel plezier hebben in de les. Dat is natuurlijk geweldig! Maar belangrijker nog is het om als school te weten wat buitenonderwijs bijdraagt aan de ontwikkeling van het kind. Hieronder leggen we daarom uit wat onze visie is op het geven van buitenonderwijs.

Wij maken in het geven van buitenonderwijs onderscheid tussen vakoverstijgend buitenonderwijs en bewegend buitenonderwijs. Bij vakoverstijgend buitenonderwijs werk je met een bepaald thema aan meerdere vakgebieden. Bij bewegend buitenonderwijs staat de spelvorm en één specifiek lesdoel centraal. Vakoverstijgend buitenonderwijs wordt vaak ingezet voor de WO-vakken waarbij dan taal- en rekenonderwijs ook aan bod komt. Bij bewegend buitenonderwijs staat een taal- of rekendoel centraal. Beide vormen van buitenonderwijs kunnen naast elkaar maar ook op zichzelf een plek innnemen in het onderwijsaanbod van een school.

Hieronder leggen we uit waarom het belangrijk is dat kinderen meer bewegen en meer buiten zijn. Tijdens onze trainingen en workshops vertellen we je hier alles over!

 

Bewegen

Bewegen is gezond! Het helpt overgewicht te voorkomen en zorgt voor een betere conditie. Ook is gebleken dat na intensief bewegen kinderen taakgerichter aan de slag kunnen.

 

Spelletjes spelen

Veel "ouderwetse" buitenspelletjes, zoals touwtje springen, hinkelen en tikkertje doen een beroep op de kleine hersenen voor de coördinatie van het spel. De kleine hersenen zijn verbonden met de prefontale cortex. En hier kun je de executieve functies vinden. Door het spelen van dit type spellen kun je dus de ontwikkeling van de executieve functies stimuleren. Daarnaast is een goed basaal evenwichtsgevoel ontzettend belangrijk om tot leren te komen. Ook de ontwikkeling van het evenwichtsgevoel kun je terug laten komen in je buitenlessen.

 

Beweging koppelen aan cognitie

Beweging en cognitie zijn meer gekoppeld dan we vaak denken. Uit onderzoek is gebleken dat het maken van bewegingen tijdens het automatiseren een positief effect heeft op het leerproces. Leuk feitje dat dit verduidelijkt: Bij veel volwassenen kan nog steeds een verhoogde spierspanning gemeten worden tijdens het hoofdrekenen. 

 

Buiten spelen

Er zijn ontzettend veel onderzoeken gedaan die het belang van een groene omgeving en buitenspel aantonen. Toch zien we steeds meer kinderen op de tablet of een ander scherm spelen. Ook computerspelletjes kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van het kind. Maar maximaal 1 uur per dag. Daarna zijn de effecten vooral negatief. Dus meer buiten spelen in een groene omgeving is gezond! Buitenspel draagt bij aan een goede dosis lichamelijke beweging, een reducering van het stressniveau en aan de ontwikkeling van sociale competenties. En wat de relatie is tussen boompje klimmen en goed ontwikkelde leercompetenties, leggen we je tijdens een training graag uit aan de hand van wetenschappelijk onderzoek!

 

Vakoverstijgend leren

Bij vakoverstijgend onderwijs leren kinderen de relatie tussen verschillende vakgebieden. Kinderen leren hun taal- en rekenvaardigheden in te zetten binnen thema's en voor projecten die deel uit maken van het echte leven. Kort voorbeeldje: Je hebt een moestuin. In plaats van zaden klaar te leggen voor de kinderen en ze te laten planten, ga je eerst met de kinderen op onderzoek uit. Waarom hebben we een moestuin, wat gaan we met de opbrangst doen, wat hebben we nodig, hebben we dat en zo niet, hoe komen we er aan, moeten we iemand aanschrijven voor (financiële hulp), hoeveel zaden hebben we nodig en ga zo maar door. Je ziet dat het project "Moestuin" zo een heel andere inhoud krijgt. Op deze manier wordt het voor kinderen veel duidelijker waarvoor ze opgedane taal- en rekenvaardigheden in kunnen zetten, en zo ontstaat betekenisvol onderwijs!

 

De keuze voor vakoverstijgend of bewegend buitenonderwijs

Voorafgaand aan een training plannen we een vrijblijvend intakegesprek in. Zo bepalen we welk type buitenonderwijs het beste bij de school past. Dat kan alleen bewegend buitenonderwijs zijn, alleen vakoverstijgend werken, maar ook een combinatie van beide. Hier passen we het trainingstraject op aan.